Reisverhaal van Jan W. Kesler uit het begin van de jaren ’40 van de vorige eeuw overgenomen uit het boek “De torens vertelden mij”


…………….Op uw bedevaart langs de Groninger kerken moogt ge het verlaten kerkje van Fransum niet overslaan. Een kerk, die niet meer in gebruik is, is op zichzelf al een zeldzaamheid. Het blijft altijd een triest geval, zoo’n verwaarloosde, buiten gebruik gestelde kerk. Maar het eenzame kerkje van Fransum, dat daar op dien verren terp bij het Aduarder diep zoo stilletjes staat te vergaan, zie ik toch altijd nog liever dan den bouwval, die elders in ons land aan daklooze gezinnen tot onderdak werd verstrekt. Of dan de kerk die in een welvarend dorp als garage wordt gebruikt!

Reeds van verre ziet ge het liggen en op uw tocht over het twee steen breede kerkpaadje, dat u dwars door de kleilanden, in den winter glibberig en in den zomer steenhard, naar het kerkje voert, hebt ge ruimschoots tijd u af te vragen, hoe het toch mogelijk is, dat in zoo’n verlaten dunbevolkte streek, ooit een kerkje werd gebouwd. Maar vroeger, toen de boerenbedrijfjes klein waren, waren er ook meer bewoners, en die hadden nog geen fiets om in Den Ham of Aduard ter kerke te gaan. In het dak is met gekleurde pannen het jaartal 1809 aangebracht, zeker het jaar waarin het pannen dak werd gelegd.

De kerk in 1924 met mijn vader in de kinderstoel.

De kerk is in den Spaanschen tijd grootendeels verwoest geweest, maar van den afbraak weer herbouwd. Toen in 1594, na de Reductie van Groningen, de Hervorming in de Ommelanden moest worden doorgevoerd, waren er voor de vele dorpen geen predikanten beschikbaar en zoo heeft ook Fransum behoord tot de dorpen, waar de ingezetenen “als schapen zonder herder, buiten orde of tucht, er geheel in het wilde liepen. Dog deze en diergelijke klaghten zijn, wanneer ook derwaards arbeiders in ’s Heeren oogst werden uitgezonden, eindelijk uit den weg geruimd”.

Ruim drie eeuwen later waren die van Fransum weer als schapen zonder herder. En het ziet er naar uit, dat tachtig jaar verwaarloozing voor de kerk van Fransum even noodlottig zal worden als tachtig jaren krijg. Het is nog wel geen bouwval, maar het dak is al flink stuk en als er niets aan gebeurt zal het er snel genoeg een worden.

Een jaar of wat geleden is er sprake van geweest het heele bouwwerk over te brengen naar het Openluchtmuseum te Arnhem. Daarvan is echter niets gekomen. Zoo blijft daar het kerkje van Fransum langzaam wegteren. Een paar boerenkinderen spelen krijgertje rondom de zerken en een enkele maal gluurt een bezoeker door een verweerde ruit naar de baksteenen preekstoel. Maar dat is dan ook al wat er zoo rondom deze kerk nog gebeurt…………………………….